Dorpsweg 26

Smederij

Gebouwd in 1933 voorhuis; De schuur is herbouwd rond 1915/1920
Functie smederij, plus winkeltje met potten en pannen en
huishoudelijke artikelen, later een groentezaak met
winkeltje, nu in gebruik als woonhuis.

De oudst bekende bewoners zijn Jan en Martje Smidt. Jan was smid van beroep. Na de verkoop van de smederij aan Harm Huisman en Siebrig Schaaphok verhuisden Jan en Martje naar de overkant op nummer 25 en werden schoolschoonmaker. Iedere morgen gingen ze met een doofpot lopend naar school om de kachel aan te maken. 

In 1954 werd het huis verkocht aan Melle Tepper en Elssien Hogenberg.

Ook Harm Huisman was smid, hij had een smidsvuur met twee vuren en stond bekend om zijn geklonken kachelpijpen. In 1933 liet hij een nieuw vooreind neerzetten; twee stenen aan weerszijden van de voordeur met de inscriptie ‘19 H H’ en ‘S S 33’ vormen het bewijs. Het schuurgedeelte werd al eerder vernieuwd, waarschijnlijk rond 1920.

Naast de schuur lag een betonplaat met een gat in het midden: daar kon de naaf van het wiel in. De ring (hoepel) moest er met ‘duvel en geweld’ om gemaakt worden; als hij weer koud was, zat hij muurvast. 

Harm had ook een noodstal voor het beslaan van paarden; er zitten nog haken in de muur.

En hij verkocht fietsen. Bij aankoop van een fiets gaf hij – indien nodig – ook fietsles! Hij repareerde de fietsen ook: achter op de schuurzolder was een hok met fietsmaterialen.

Verder sleutelde hij vaak aan de dorsmachine van Oomkens en was onderhoudsmonteur van de melkfabriek. En hij had een hele beste auto – een Spijker – voor autoverhuur zonder chauffeur.

Achter in de schuur stond een draaibank. In de oorlog bleek Harm een specialist in het maken van koolzaadmolentjes. Ook werd er clandestien koolzaad bij hem gedraaid. 

Hij laste met acetyleengas, hij kon niet elektrisch lassen.

Hoewel de bewoners van de huisjes achter hem hun uitgang officieel niet over zijn erf hadden, baanden sommigen zich een pad tussen de paarden, kippenhokken, enzovoort.

Melle Tepper was groenteboer en ventte met zijn vrachtwagen in Garmerwolde en omliggende dorpen. Elssien hielp de mensen in de winkel. De klanten kwamen op de gekste tijden om een vergeten boodschap; ’s avonds laat, ’s zondags … altijd stonden ze voor de mensen klaar. Rond 1967 is Melle gesaneerd en kreeg het pand een woonbestemming.